Ziekenhuis bepaalt zelf koers en hoeveelheid aandacht voor goed eten

5eTalking Dinner debat in teken van eten en drinken in de zorgsector

Ziekenhuis bepaalt zelf koers en hoeveelheid aandacht voor goed eten

Zorg – Hoe serieus nemen de ziekenhuizen hun verantwoordelijkheid als het gaat om eten en drinken? En kun je met een gemiddelde ligtijd voor een patiënt van drie dagen voldoende aandacht besteden aan de juiste voeding of is dit de verantwoordelijkheid van de patiënt zelf? Zomaar enkele vragen tijdens het 5e Talking Dinner debat met elf specialisten. De eindconclusie? Die luidt positief, want de aandacht voor goede voeding groeit al hoeft die niet per se gezond te zijn.

Deelnemers 5e Talking Dinner zorgdebat 

  • Eline Vermeulen-Lommen, Hoofd Eten, Drinken en Gastvrijheid bij het Elisabeth-TweeSteden Ziekenhuis
  • Johan Jonker, Gastvrijheidsmanager bij Isala
  • Koen van der Linden, Manager Gastenservice bij het Slingerland Ziekenhuis
  • Pepijn van Gestel, Manager Services van Maasstad Ziekenhuis
  • Huub de Pagter, Sales Manager Zorg bij Marfo
  • Annelies ten Broek, Manager Facilitair Bedrijf en Huisvesting bij Amphia
  • Marcel Hofmeijer, Businessmanager Innovatie & Operatie Huuskes
  • Rob Janssen van JRM Food & Facilities
  • Ronald Lekkerkerker van Dedoreon
  • Niels Masselink van JRM Food & Facilities
  • Femke Jansen, salesmanager Cure & Care bij FrieslandCampina
  • Jos Wassenaar, nationaal accountmanager bij Jacobs Douwe Egberts
  • Luc Zwaanenburg, commercieel manager Temp-rite
locatie

Hoe gezond is de gezondheidszorg met eten en drinken? Die vraag stond centraal tijdens het 5e Talking Dinner-debat, georganiseerd door Rob Janssen en Niels Masselink van JRM Food en Facilities en Ronald Lekkerkerker van Dedoreon. Aan tafel leveranciers, zorg- en faciliterende managers op het gebied van eten en drinken en adviserende managers binnen de  ziekenhuisbranche. En wat blijkt? Eten en drinken is een hot item binnen de zorg, maar de mate waarin er serieus aandacht aan wordt geschonken, wordt toch ook vaak bepaald door de Raad van Bestuur. Als die kiest voor een heldere strategie ontstaat er draagvlak en meer ruimte.

Goed of gezond

De deelnemers aan het debat hebben in het begin enige aarzeling om de juiste toon te vinden. Natuurlijk, ze vinden voeding in de zorgsector allemaal belangrijk en zien als geen ander hoe gezonde voeding het medicijn kan zijn voor een spoedig herstel. Maar hoe leg je dat de consument uit? En wat is gezond? Want ook de diëtiek is op dat punt niet overal gelijk, signaleert Eline Vermeulen van het Elisabeth Tweesteden Ziekenhuis in Tilburg. Volgens haar moet eten en drinken twee aspecten raken en dat is herstel en welbevinden. “We voelen ons allemaal comfortabeler bij goede voeding. Eten moet gezond als het kan en eiwit- en energierijk als het nodig is. Dat mag soms ook frituur of vet eten zijn, als de patiënt dat wil. Want het is beter om iets te eten dan niets”, aldus Vermeulen. Dezelfde mening hebben Pepijn van Gestel van het Maasstad Ziekenhuis in Rotterdam en Huub de Pagter van maaltijdenleverancier Marfo. “Het gaat om beide”, zegt die laatste. “Patiënten voelen zich meer op hun gemak en herstellen sneller als zij mogen kiezen wat en wanneer zij willen eten en hierbij is het van belang dat er ook een gezonde maaltijdkeuze kan worden gemaakt.” Ook Jos Wassenaar van Jacobs Douwe Egberts komt die discussie in de praktijk regelmatig tegen en werpt op: “Wie wil er dat het eten gezond is? Het ziekenhuis of de patiënt?”

Verleden tijd

De tijd dat er drie maaltijden per dag worden aangeboden binnen een ziekenhuis, is verleden tijd. Er is vandaag de dag steeds meer vrijheid. Zo komt het voor dat patiënten na een chemokuur eerst niet willen eten, maar drie uur later toch trek hebben in een warme maaltijd. Als ziekenhuis moet je op deze wensen kunnen inspelen. Veel ziekenhuizen doen dat met speciale programma’s, al dan niet gefaciliteerd door de industrie. Maar volgens Vermeulen maken ook programma’s vanuit het ziekenhuis zelf ontwikkelingen door, zoals At Your Request bijvoorbeeld dat aanvankelijk in Ziekenhuis Gelderse Vallei in Ede als een soort welzijnsconcept was ontwikkeld om patiënten te behagen. Deze is inmiddels uitgegroeid tot een concept waarbij de patiënt de juiste voeding op het juiste moment en in de juiste consistentie krijgt aangeboden. Toch vindt Marcel Hofmeijer van Huuskes dat – ondanks de goede voorbeelden – er vaak te veel gedacht wordt vanuit het concept en dat de regie vanuit de patiënt juist onvoldoende wordt belicht. In deze rol zou een ziekenhuis ook naast de goede dienstverlening in eten en drinken ook een preventieve rol kunnen vervullen. Niet alleen tijdens opname maar juist ook in de leefomgeving van de patiënt.

Geld weggooien

De rol van voeding gaat steeds meer naar de zorg, zo wordt binnen de ziekenhuismuren in bredere kring gesignaleerd. Des te opmerkelijker dat er binnen de instellingen niet beter naar elkaar wordt gekeken en geluisterd omdat in de praktijk iedereen met dezelfde dingen bezig is. Ook Koen van der Linden van het Slingeland Ziekenhuis in Doetinchem signaleert deze eerzuchtigheid: “Je vraagt je af waarom er niet meer gekopieerd wordt in plaats van dat er iedere keer weer bakken geld worden weggegooid. Teveel initiatieven lopen nu naast elkaar.” Van Gestel is het daarmee eens: “Gelukkig gaan we wel steeds meer uit van de patiënt en niet meer vanuit de vraag wat is mogelijk binnen ons ziekenhuis. Maar veel van die initiatieven zie ik nu nog te veel naast elkaar lopen, terwijl ik denk dat we meer moeten kijken naar de best practices.”

Samenwerking

Ondanks alle verbeterpunten wordt voeding binnen ziekenhuizen over het algemeen hoog gewaardeerd: meestal met een 8+. Betekent dat dat er aan voeding niets meer te verbeteren is? Allerminst, maar het vraagt wel handig manoeuvreren bij het bestuur want een echte noodzaak tot aanpassen is er niet. Eline Vermeulen krijgt binnen haar omgeving veel ruimte, maar die ruimte is beperkt. “Ik heb gewoon mijn doelstellingen te halen en als het budgettair niet gerealiseerd kan worden in de keuken, dan wordt ook aan mij gevraagd wat het kost als het wordt ingekocht. Maar het scheelt wel dat ook het bestuur goede en gezonde voeding hoog op de agenda heeft staan.” Zij pleit net als de anderen aan tafel voor meer samenwerking, juist met leveranciers omdat die praktischer zijn in de ontwikkeling dan instituten als de Wageningen Universiteit. “Dat kost je tonnen en maanden voorbereiding!” Femke Janssen van zuivelproducent FrieslandCampina wil daarin juist een brug vormen. “We zitten juist in Wageningen om de driehoek zorg, wetenschap en bedrijfsleven op een goede manier met elkaar te verbinden. Daarnaast kunnen we samenwerkingen aangaan met andere leveranciers als het gaat om issues als zout- en suikerreductie.” Zo heeft Marfo in de afgelopen 15 jaar ervaring opgedaan in de reductie van zout wat je, voor een aantal patiëntendoelgroepen, niet zomaar uit een maaltijd dient te halen.

IMG_1147

Cardiologische voeding

Opvallend is de bereidheid bij de partijen om de volledige data ter beschikking te stellen van een partij die onderzoek wil doen naar voeding voor bepaalde patiënten. Nu doen we alles zelf omdat we onszelf uniek vinden, is de mening aan tafel, maar logischer zou het zijn dat voeding bij oncologie en bij andere disciplines eens nader worden bekeken, zodat we er allemaal van kunnen leren. Vrijwel iedereen is er van overtuigd dat dat miljoenen kan besparen, juist omdat voeding zo van invloed is op het herstel of de gezondheid in het algemeen. Johan Jonker van Isala voegt daar wel kritisch aan toe het eens te zijn met de kinderarts die zegt ‘bied maar gewoon kroketten aan want dan eten ze tenminste’. Het ontbreekt wat dat betreft aan een duidelijk definitie wat nu precies verstaan wordt onder gezonde voeding. Bij het Elisabeth Tweesteden Ziekenhuis in Tilburg is er voor hartpatiënten een keuken waar kooklessen worden gegeven “Hier kunnen mensen ook na hun verblijf onder begeleiding van een diëtiste leren wat cardiologische voeding is en hoe je dat bereidt”, aldus Vermeulen. Het ziekenhuis heeft nog een ander bijzonder initiatief. Zo geeft het voor 7,50 euro bezoekers en ex-patiënten een tasje met specifieke voeding mee naar huis. Een toe te juichen initiatief dat laat zien dat ziekenhuizen de patiënten op weg willen helpen, ook thuis. Isala is in gesprek met een zorgverzekeraar om het aspect van gezonde voeding ook te borgen na vertrek uit het ziekenhuis. Resultaten hiervan zijn er nog niet.

 

Stewardessen aan het bed

Wat ook van invloed is hoe de maaltijd wordt geserveerd. Voor de waardering is dat van essentieel belang. De Pagter van Marfo weet als geen ander wat daar mis kan gaan. “Het blijkt niet eenvoudig om een maaltijd op de juiste manier bij de patiënt bezorgd te krijgen”, zegt hij. Dat heeft veel te maken met de kwaliteit van de zorg- en/of servicemedewerkers, maar ook met de plaats in de organisatie en de ondersteuning én support van het management die deze medewerkers krijgen. “We zeggen wel eens: de mensen zijn het visitekaartje van het ziekenhuis.” De Pagter gebruikt zelf wel eens het voorbeeld van de stewardess aan bed. “Dan weet iedereen wat je bedoelt. Dat heeft te maken met serviceverlening, maar ook het belang van omstandigheden. Een maaltijd geserveerd met een glimlach kan net zo goed worden gewaardeerd in de economy- als in de  businessclass. De waardering van de maaltijd in de businessclass wordt daarbij ook nog eens beïnvloed door de omgevingsfactoren. Alles smaakt nog beter in een comfortabele stoel en als je wordt ontvangen met een glas champagne.” Wat het gezelschap brengt op de suggestie of je als leverancier niet ook voorwaarden moet stellen aan de wijze waarop er met je producten wordt omgesprongen. “Een SLA zou wat dat betreft twee kanten op moeten werken”, aldus Vermeulen.

Moedershoede of eigen keuze?

Annelies ten Broek van Amphia, die door omstandigheden iets later aanschuift, zet direct de zaken op scherp door te stellen of een ziekenhuis ‘des moedershoeder wil zijn, of dat het wil dat de patiënt het zelf uitzoekt?’ “We moeten niet de illusie hebben dat we binnen drie dagen een voedingspatroon kunnen wijzigen. Maar een goede basismaaltijd mag de patiënt van ons verwachten.” Het Amphia ziekenhuis dat binnenkort geen ziekenhuis meer genoemd wil worden maar gasthuis, ziet eten en drinken als facilitair bedrijf. Het is ondersteunend, maar dat geeft ook aan dat geen universele oplossing is voor elk ziekenhuis. Het gaat om keuzes maken. En dat zie je ook. Er zijn weer ziekenhuizen die zelf – ontkoppeld – gaan koken en eigen maaltijden produceren. Of er worden weer keukens ingericht die voor meerdere locaties aan de slag gaan. Of ziekenhuizen die zelfs met twee systemen naast elkaar werken, dus én inkoop én eigen productie. Het heeft ook te maken dat de klantvriendelijke systemen van voeding op bestelling die het publicitair erg goed doen, zoals in het Nijmeegse Radboud en Gelderse Vallei, op sterven na dood zijn.

IMG_0132

Minder aandacht voor drinken

Terecht wordt er geconcludeerd dat het bij voeding wel erg over maaltijden gaat en dan met name de warme maaltijd. Drinken komt nauwelijks ter sprake. Wassenaar: “Voedingsassistenten willen geen cappuccino aanbieden omdat het teveel werk is en toch is daarmee bij de patiënt een enorme winst te halen. Net als met thee; 45 procent van de mensen drinkt thee en daarin is tegenwoordig zoveel meer mogelijk in de manier van presenteren en smaken. De patiënten waarderen het enorm wanneer dat wordt aangeboden. Femke Jansen beaamt dat. “Wat denk je van soepen en smoothies? Daar kun je zoveel meer mee dan nu wordt gedaan. Het Radboud Ziekenhuis is een goed voorbeeld dat daar veel mee doet.”

Total Cost of Ownership

Maar de kern eten en drinken zit toch bij de voeding zoals die wordt aangeboden. Dat is wat er blijft hangen. En geen ziekenhuis wil dat de maaltijd ook gewaardeerd wordt als de bekende ‘ziekenhuismaaltijd’. Vandaar dat voeding overal wel op de kaart staat als onderdeel van het totale beleid. Waarmee nog niet gezegd is dat het hoog op de agenda staat. Dat heeft alles weer te maken met het beleid dat wordt gekozen. Luc Zwaanenburg van temp-rite: “In ziekenhuizen is het uitdragen van goede voeding een multidisciplinaire taak. Wil men hiermee succesvol zijn, dan moet dit in het ziekenhuis breed worden gedragen. Als de dokter een en ander onderstreept, dan zal de patiënt ten gunste van het herstel nóg eerder overgaan op goede voeding.”  In Deventer kiezen ze voor een eigen weg. Van der Linden: “Wij willen het beste streekziekenhuis worden en zoeken dus heel bewust ook naar goede streekproducten. De bedoeling was dat we daarmee geld gingen verdienen. Nu we ze in huis hebben, gaat het over geld besparen om  de voedselverspilling tegen te gaan. Uiteindelijk gaat het om Total Cost of Ownership: alles wat je wilt zul je op een goede manier moeten doorrekenen.”

 

Dit artikel naar aanleiding van het Talking Dinner is verschenen in de uitgave van juli 2018 van FoodClicks. FoodClicks is een crossmediaal platform voor de out of home sector.

Comments

Post Comment

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *